Van de Wieringermeer naar Gambia: het stille werk van Kees Meijer
MIDDENMEER / GAMBIA – Wie door de uitgestrekte Wieringermeerpolder rijdt, ziet rechte lijnen, goed onderhouden erven en een landschap waarin alles lijkt te kloppen. Duizenden kilometers verderop, in Gambia, is dat beeld totaal anders. Daar bepalen zandwegen, beperkte voorzieningen en een schrijnend gebrek aan medische zorg het dagelijks leven. Juist op die plek maakt Kees Meijer uit Middenmeer al jaren het verschil.
Wat ooit begon als een toevallige vakantiebestemming, groeide uit tot een levensmissie. Door een omboeking van een reis naar Turkije kwam Meijer negen jaar geleden in Gambia terecht. Daar werd hij geconfronteerd met de realiteit achter de toeristische kuststrook. “Aan de kust zie je niet hoe slecht de medische voorzieningen zijn en hoe groot de armoede is,” vertelt hij. “Maar zodra je het binnenland ingaat, zie je pas echt wat er nodig is.”
Met zijn medische achtergrond als instructeur en docent zag hij direct waar de grootste problemen lagen. Vooral de onnodige kindersterfte door malaria maakte diepe indruk. Een ziekte die met relatief eenvoudige middelen te behandelen is, maar in Gambia nog altijd levens kost. Samen met zijn vrouw besloot hij niet weg te kijken, maar in actie te komen. Dat leidde tot de oprichting van Stichting Bubs, met het project Education and Health for Gambia.
Inmiddels is de stichting uitgegroeid tot een organisatie die lokaal echt impact maakt. In het binnenland zijn twee kleinschalige klinieken opgezet, waar inmiddels vier door de stichting opgeleide verpleegkundigen werken. Daarnaast zijn er een arts in opleiding en nog vijf verpleegkundigen in opleiding actief. Meijer zelf reist drie tot vier keer per jaar, op eigen kosten, naar Gambia om les te geven, medische apparatuur te installeren en de voortgang te begeleiden.
Een van de belangrijkste projecten is de kliniek in Sinchang Keita, die inmiddels een jaar in gebruik is. Hier werken dagelijks drie verpleegsters van ’s ochtends acht tot ’s avonds acht uur om patiënten te helpen. De vraag naar zorg is groot. Vooral ademhalingsproblemen en malaria komen veel voor, waarbij malaria dit jaar met kop en schouders boven alles uitsteekt. Ook vitaminetekorten door eenzijdige voeding zorgen voor extra gezondheidsproblemen.
Kinderen onder de zes jaar krijgen gratis medicatie, omdat juist zij het meest kwetsbaar zijn. In het afgelopen jaar konden dankzij donaties 126 jonge kinderen worden behandeld. “Voor ongeveer acht euro kun je een behandeling geven die een leven redt,” aldus Meijer. “Dat maakt het werk zo belangrijk.”
Ondertussen wordt er volop gewerkt aan uitbreiding en verbetering van de kliniek. Zo zijn er onlangs twee bevallingsbedden aangekomen en volgt een van de verpleegkundigen een opleiding tot verloskundige. Daarmee hoopt de stichting in de toekomst ook bevallingen te kunnen begeleiden, zeker in het regenseizoen wanneer transport naar grotere ziekenhuizen vaak onmogelijk is. Ook een couveuse en een echoapparaat, afkomstig van het AMC in Amsterdam, zijn onderweg.
De omstandigheden waarin gewerkt wordt, vragen echter om voortdurende investeringen. Zo is de elektriciteitsvoorziening onbetrouwbaar en moest de volledige installatie opnieuw worden aangelegd. Ook het dak en de plafonds zijn aangepakt vanwege lekkages en termieten. Momenteel wordt gewerkt aan veilige bedrading, nieuwe stopcontacten en verdere afbouw van het gebouw.
Een ander groot aandachtspunt is de watervoorziening. Door toenemend gebruik van de bestaande waterbron valt de druk regelmatig weg. Een eigen boorput is noodzakelijk, maar de kosten van ongeveer 2.500 euro vormen nog een uitdaging. De hoop is om dit bedrag bijeen te krijgen voordat Meijer in november opnieuw naar Gambia vertrekt.
Om het werk voort te zetten, is de stichting afhankelijk van donaties en acties. Zo wordt jaarlijks een benefiet georganiseerd en is de stichting actief tijdens het Havenfeest in Middenmeer. Ook loopt er een knuffelactie, waarbij knuffels worden verkocht en vervolgens geschonken aan zieke kinderen in de kliniek. Daarnaast ontvangt de stichting inkomsten via transportactiviteiten in samenwerking met Charity4Gambia.
Wat opvalt in het verhaal van Kees Meijer, is zijn nuchtere en praktische aanpak. Die mentaliteit nam hij mee uit zijn werkzame leven in Nederland, waar hij onder meer actief was als brandweerinstructeur en zelfstandig ondernemer in brandpreventie. In de regio is hij ook bekend van de verkoop van aardbeien, waarvan een groot deel van de opbrengst jarenlang naar de stichting ging.
Toch ligt zijn hart inmiddels voor een groot deel in Gambia. “We regelen alles van A tot Z, van ontwerp tot realisatie,” legt hij uit. “Maar uiteindelijk gaat het om de mensen daar. Dat zij toegang krijgen tot zorg die hier zo vanzelfsprekend is.”
De toekomstplannen liegen er niet om. Naast de verdere afbouw van de kliniek is er de wens om een laboratoriumruimte in te richten voor bloedonderzoek. Ook blijft de stichting medische materialen verzamelen en distribueren naar andere klinieken, al vormen transportkosten daarin een beperking.

Wie het werk van Stichting Bubs wil volgen of ondersteunen, kan terecht op de Facebookpagina Education and Health for Gambia. De stichting heeft een ANBI-status, waardoor donaties fiscaal aftrekbaar zijn. Wat begon als een toevallige reis, groeide uit tot een missie die levens verandert. Vanuit de Wieringermeer naar Gambia: het contrast is groot, maar voor Kees Meijer is de verbinding vanzelfsprekend.
Dit artikel kwam tot stand dankzij een match op de beursvloer van de Hollands Kroonse Uitdaging. Het artikel werd eerst in het Meerpeen Magazine van mei geplaatst. En nu nog een keer via de website en de sociale mediakanalen van De Meerpeen.


