Kopgemeenten willen gelijke behandeling bij toekomstig waterbeheer
HOLLANDS KROON – De gemeenten Den Helder, Hollands Kroon, Schagen en Texel maken zich zorgen over de gevolgen van de nieuwe Toekomstvisie 2050+ van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). In een gezamenlijke zienswijze pleiten zij ervoor dat de Kop van Noord-Holland bij toekomstige investeringen in waterveiligheid en zoetwater even zwaar wordt meegewogen als andere gebieden.
De gemeenten vrezen dat regio’s met minder inwoners en een beperkter industrieel belang minder aandacht krijgen bij toekomstige investeringen. Volgens hen mogen inwonersaantallen en economische belangen niet doorslaggevend zijn bij keuzes over waterbeheer.
Zorgen over gebiedsgerichte aanpak
HHNK wil in de toekomst meer gebiedsgericht werken. Dat betekent dat maatregelen en investeringen per gebied kunnen verschillen. De vier gemeenten begrijpen dat lokale omstandigheden om maatwerk vragen, maar willen voorkomen dat dit ten koste gaat van dunner bevolkte gebieden.
De Kop van Noord-Holland kent uiteenlopende landschappen, van Texel en de duingebieden tot de polders. De gemeenten wijzen op het belang van de regio voor voedselproductie, natuur, recreatie, energievoorziening en het Noord-Hollandse landschap.
Door klimaatverandering nemen de uitdagingen rond verzilting, zoetwaterbeschikbaarheid, zeespiegelstijging en extreem weer toe. De gemeenten vinden het belangrijk dat HHNK daarop tijdig inspeelt.
Ook ruimte voor wonen en ondernemen
De Kopgemeenten zijn daarnaast kritisch op het uitgangspunt dat water en bodem sturend moeten zijn bij ruimtelijke ontwikkelingen. Zij willen dat ook woningbouw, economie, landbouw, energie, natuur en leefbaarheid volwaardig worden meegewogen bij toekomstige besluiten.
De vier gemeenten willen op korte termijn met HHNK in gesprek over de gevolgen van de Toekomstvisie 2050+ voor de regio. Ook willen zij betrokken blijven bij de verdere uitwerking en duidelijkheid krijgen over de risico’s, mogelijke keuzes en gevolgen voor inwoners en ondernemers.
De gezamenlijke zienswijze is ingediend tijdens de inspraakperiode van de ontwerp-Toekomstvisie 2050+.
Meer informatie over de ontwerpvisie staat op de hhnk.nl
.




