Afsluiting Zuiderzee veranderde visstand en visserij ingrijpend
WIERINGEN – De aanleg van de Afsluitdijk en de afsluiting van de Zuiderzee in 1932 hadden grote gevolgen voor de visstand en de visserij. Historische Vereniging Wieringen besteedt in het septembernummer van Op de Hòògte aandacht aan deze veranderingen.
Op 28 mei 1932 werd bij de Vlieter de laatste opening in de Afsluitdijk gesloten. Daarmee werd de Zuiderzee van de Waddenzee afgesloten. De eeuwenlange visserij op onder meer haring, ansjovis, garnalen, aal, bot en spiering veranderde hierdoor ingrijpend.
Bioloog dr. J.J. Zijlstra (1926-1989), voormalig biologisch directeur van het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) op Texel, beschreef de gevolgen voor de visstand en visserij. Daarbij vergeleek hij de periode 1926-1931, toen de Zuiderzee nog zout was, met de jaren 1946-1951, nadat het IJsselmeer zoet was geworden.
Gevolgen voor vissers en bedrijven
Volgens de Historische Vereniging Wieringen werden ruim 3.000 vissers en aan de visserij verbonden bedrijven rond de Zuiderzee getroffen door de Zuiderzeewerken. Om vissers en andere direct belanghebbenden financieel tegemoet te komen en te ondersteunen, werd de Zuiderzeesteunwet ingevoerd.
Daarbij ging het niet alleen om vissers. Ook veel andere beroepen waren afhankelijk van de Zuiderzeevisserij, waaronder scheepsbouwers, zeilmakers, nettenmakers, touwslagers, mandenmakers, smeden, visrokers, visventers en handelaren.
Henk Braad van de Historische Vereniging Wieringen schrijft uitgebreider over de gevolgen van de afsluiting in nummer 3 van Op de Hòògte, dat begin september verschijnt. Niet-leden kunnen het blad voor € 5,00 kopen. Een jaarabonnement met vier nummers kost € 20,00.




