En ons altijd weer boeit door Peter C. Meijer: ‘Ganzen over de Mossel’ (311)

In alle rust zit ik voor het raam aan de straatkant te lezen. Opeens schrik ik op van een luid geluid van… overvliegende ganzen. Luid gakkend vliegen grote groepen van oost naar west en weer terug. Welke soort of soorten kan ik horen?
De Grauwe Gans maakt het kenmerkende geluid voor een gans: ‘gak-gak-gak’. De Rietgans hoor ik als ‘ang-ang-ang’. Brandganzen zijn gemakkelijker te herkennen aan hun zwart-witte verenkleed. Kolganzen hebben hoge tonen in hun roep. Nijlganzen kunnen niet verward worden met de bruine groep die overvliegt. De Kleine Rietgans zou ik uit de groep overvliegers op geluid niet herkennen. Het besef dat ik foto’s moet nemen is er direct, maar voordat het fototoestel gereed is, zijn de ganzen al weer naar het oosten gevlogen.
In mijn vroege vogeltijd in de jaren ’60 en begin ’70 was het kijken naar ganzen een enorme belevevenis. Vanuit Amsterdam reden wij naar Friesland of de Flevopolders. In Friesland vond ik het geweldig. In de omgeving van Oudemirdum volgde steevast de beloning: Friese worst.
De slager maakte deze zelf uit het vlees dat hij had. Hij rookte het op beukenhout en turf en de worstjes waren heerlijk. Dat vond ook het thuisfront. Altijd als wij die kant op gingen nam ik ze mee. Brabant en dan in de buurt van Willemstad was ook een prachtige plek voor het kijken naar ganzen. Het is lang geleden.
Na mijn terugkomst in de Wieringermeer in 2003 bleek dat het aantal ganzen zich drastisch had vermeerderd. Je kunt ze nu het hele jaar door zien. Dit tot ongenoegen van de agrariërs die niet staan te wachten op ganzenmest of vraat. Derhalve worden ze van de landerijen gejaagd en dan vliegen er opeens grote groepen onder andere over de Mossel.
De foto is op 20 januari 2026 gemaakt door de auteur van wegvliegende ganzen. Helaas lukte het niet een grote groep op de foto te krijgen. Wel de kenmerkende V-vorm.




