38 Ad van Oers

Ad van Oers is 84 jaar en noemt zichzelf met recht een rasechte Wieringermeerder. Met uitzondering van de periode van de onderwaterzetting heeft hij altijd in de polder gewoond. In die jaren verbleef hij korte tijd in Schagen en later, in verband met zijn diensttijd, twee jaar in Amersfoort. Toch bleef Slootdorp altijd zijn thuis en daar heeft hij uiteindelijk ook zijn hele leven gewoond.
Hij kijkt met dankbaarheid naar zijn gezin. Hij is vader van drie dochters en grootvader van zes kleinkinderen en drie achterkleinkinderen. Die rijkdom vervult hem met trots. In 1967 trad hij in het huwelijk, maar het geluk was van korte duur. In 1985 overleed zijn vrouw aan longkanker. Die periode herinnert hij zich als zwaar en verdrietig. Samen met zijn kinderen wist hij die moeilijke tijd door te komen.
Zelf groeide hij op in een groot gezin met drie broers en vier zussen, van wie er nu nog vijf in leven zijn. Het was een tijd waarin het leven eenvoudig was, maar goed. Iedereen droeg zijn steentje bij. De meisjes hielpen in huis en de jongens werkten in de tuin, waar flink werd gespit in de grote tuin achter het huis. Naarmate ze ouder werden, moesten ze ook bij de boer aan de slag, bijvoorbeeld met het rooien van aardappels. Dat werk ging er streng aan toe en fouten werden niet getolereerd.
In de polder waren meerdere mensen met dezelfde naam. Er liepen drie mannen rond die Ad van Oers heetten en ook drie vrouwen met de naam Corry van Oers, allemaal vernoemd naar opa en oma. Zijn vader kwam uit Brabant en zijn moeder uit Zijdewind. Zij was een van zeventien kinderen, wat betekende dat Ad opgroeide met een groot aantal ooms en tantes om zich heen.
Op twaalfjarige leeftijd vertrok hij voor drie jaar naar Zeist om te studeren. Hij leerde daar het vak van timmerman, met het idee om later in de missie schooltjes te bouwen voor arme mensen. Toch trok Slootdorp te hard en keerde hij terug. Hij ging werken bij zijn vader, die foeragehandelaar was. Het werk in hooi en stro was zwaar, maar hij deed het met inzet.
Toen hij achttien was, kocht zijn vader een vrachtwagen en verzorgden zij zelf het vervoer van hooi en stro. Later kwam daar ook het vervoer van vlas bij, dat naar Zeeland en België werd gebracht. Zijn zwager Jan van Heerwaarden kwam in die tijd bij het bedrijf werken en samen maakten zij lange ritten. Aan dit werk kwam abrupt een einde na een ongeluk in België, waarbij hij met de vrachtwagen een huis binnenreed. De bewoners lagen gelukkig te slapen, waardoor er geen slachtoffers vielen.
Vanwege zijn gezondheid moest hij op zoek naar ander werk. Dat was lastig, zeker omdat hij net getrouwd was, maar het lukte hem toch. Hij solliciteerde bij de gemeente en werd aangenomen bij de plantsoendienst. Hij ging studeren voor hovenier en behaalde zijn diploma. Door aanhoudende rugklachten werd hij uiteindelijk afgekeurd voor dit werk. De toenmalige burgemeester Knorr vond echter dat thuiszitten niets voor hem was en zorgde ervoor dat hij direct aan de slag kon bij de binnendienst in het gemeentehuis. Zo kwam hij terecht bij gemeentewerken, afdeling bouwkunde, waar hij de bouwaanvragen verzorgde. Uiteindelijk werkte hij ruim dertig jaar bij de gemeente.
Naast zijn werk zette hij zich op een andere manier in voor het dorp. Hij beheerde een eigen website met de naam www.slootdorp.com, waarop hij lief en leed uit het dorp vastlegde. De sloop en nieuwbouw rond de Brink werden uitgebreid gedocumenteerd met foto’s die Dirk van Grootheest maakte. De woningbouw werkte hier volledig aan mee en waardeerde zijn inzet zozeer dat hij de eerste paal mocht slaan. De foto daarvan hangt nog altijd op zijn kamer.
Ongeveer tien jaar geleden brak opnieuw een zware periode aan. Bij hem werd keelkanker geconstateerd en de ziekte bleek al ver gevorderd. Hij had nauwelijks klachten gehad, behalve heesheid en geen pijn. In het VU ziekenhuis onderging hij een operatie van zeven uur, waarbij zijn stembanden en strottenhoofd werden verwijderd. Sindsdien kan hij niet meer praten. Het was een zware strijd, waarin hij opnieuw besefte hoe belangrijk zijn kinderen voor hem zijn. Drie maanden lang kwamen zij elke dag op bezoek en samen wisten zij ook deze periode door te komen.
Na de operatie volgde een bestralingsbehandeling, maar die kon niet worden afgemaakt. Na zeven keer was hij zo verzwakt dat de behandeling werd gestopt en hij opnieuw in het ziekenhuis terechtkwam. Toen hij weer enigszins was opgeknapt, volgde een gesprek met de bestralingsarts. Zij wilde de behandeling hervatten, maar de moed ontbrak hem. In overleg met zijn kinderen besloot hij ermee te stoppen. De arts was eerlijk over de risico’s en gaf aan dat de kanker binnen anderhalf jaar terug zou kunnen komen. Dat is gelukkig niet gebeurd. Hij is er nog.
Sinds ruim negen jaar woont hij tot volle tevredenheid in Lelypark. De verzorging noemt hij prima. Over de sfeer en de activiteiten is hij iets kritischer, omdat die volgens hem de laatste jaren zijn teruggelopen. Hij is dankbaar voor de vrijwilligers die zich blijven inzetten. Als hobby doet hij aan diamond painting, iets waar hij tijdens de coronatijd mee begon toen er weinig mogelijk was.
Hij leeft al jaren alleen en maakt gebruik van een spraakcomputer, wat voor hem een grote vooruitgang is. In het begin communiceerde hij vooral door veel te schrijven in schriften. Nog altijd is Ad regelmatig in het dorp te vinden met zijn scootmobiel. Waar bijna iedereen hem kent!




